arrow_drop_up arrow_drop_down
1 maart 2020 

Organisatievormen in de turnles, welke vormen zijn er?

Een leuke, leerzame en actieve turnles kan op verschillende manieren worden vormgegeven. In de turnsport spreken we van diverse organisatievormen die je kunt toepassen in je les. Juist de afwisseling van deze vormen gebruiken, zorgt voor uitdaging en plezier voor de turnsters. In dit artikel vertellen wij van Beter Turnen je wat de verschillende organisatievormen precies inhouden!

organisatievormen-in-de-turnles

Organisatievormen: stroomvorm

Bij het werken in stroomvorm gaan de turnsters via een bepaalde route van het ene naar het andere opdrachtje. Ze blijven niet lang bij 1 toestel hangen, maar voeren de (vaak korte) opdracht 1 of twee keer uit, en draaien dan direct door. De turnsters blijven hierdoor constant in beweging en krijgen een heel divers trainingsaanbod.

Organisatievormen: groepsvorm

Deze organisatievorm wordt binnen de turnsport veel gebruikt. Na de warming up worden de turnsters in groepjes verdeeld, en voeren vervolgens de gekregen opdrachten op het toestel uit. Vaak zitten de turnsters van hetzelfde niveau en dezelfde leeftijd bij elkaar. Omdat de toestelhoogtes en het soort toestel op kleine schaal verschilt binnen de niveaus en leeftijden.

Organisatievormen: klassikaal

Bij een klassikale les krijgen alle turnsters gezamenlijk opdrachten en aanwijzingen. Vaak zijn de turnsters verdeeld over de zaal aan het werk, en legt de trainer tijdens een aanwijzing de les even stil, zodat hij zeker weet dat hij ieders aandacht heeft. Een voordeel van deze organisatievorm is dat de trainer goed overzicht kan houden, en zo kan bereiken dat iedereen lekker bezig is.

Organisatievormen: vrije les met instructie

Een voorbeeld van een vrije les met instructie is dat de turnsters na de warming-up zelf mogen kiezen naar welk toestel ze gaan. Als instructie kunnen ze van de trainer mee krijgen dat ze wel alle toestellen moeten zijn af geweest binnen een bepaalde tijd. Een andere instructie zou kunnen zijn dat ze 3 of 4 bepaalde elementen moeten gaan oefenen op de diverse toestellen, maar hiervoor zelfs een tijdsplanning mogen maken. Deze organisatievorm werkt vooral goed bij bovenbouwturnsters. Omdat zij al over een zekere mate van zelfstandig trainen beschikken.

Organisatievormen: vrije les zonder instructie

Bij een vrije les zonder instructie wordt de turnster compleet vrijgelaten in haar training. Een organisatievorm als deze wordt nog wel eens gegeven als het wedstrijdseizoen achter de rug is. Leuk aan deze lesvorm is de creativiteit die bij de sporters naar boven komt te ervaren. Tijdens trainingen als deze is het fijn om met nieuwe en uitdagende elementen aan de slag te gaan.

Ik daag jullie uit om eens te proberen in een periode van 5 weken alle organisatievormen af te gaan! Ik ben erg benieuwd wat jullie als trainers en turnsters als het prettigst ervaren. Kun je meer methodische oefeningen gebruiken? Bekijk dan ons Youtube kanaal. Zin om eens te sparren met andere trainers en turnsters? Neem dan een kijkje op ons platform!

 

Reactie plaatsen